Stand van de economie & arbeidsmarkt

De Nederlandse economie groeide in het eerste kwartaal van 2026 met 0,1 procent ten opzichte van het kwartaal ervoor, een bescheiden maar stabiel resultaat. Overheidsuitgaven en investeringen droegen de groei, terwijl krimpende export en een afzwakkende industrie op de rem trapten. Tegelijkertijd koelt de arbeidsmarkt zichtbaar af: tegenover elke 100 werklozen staan nu 91 vacatures, waar dat een kwartaal eerder nog boven de 100 lag. Voor werkgevers betekent dit een verschuiving in sourcingsdruk en arbeidsmarktactiviteit.

Stand van zaken Nederlandse economie

Wat valt op in deze ontwikkelingen? Waar zit de economische motor en wat betekent dit voor werkgevers en de beschikbaarheid van talent? In dit hoofdstuk zetten we de belangrijkste trends van economie en arbeidsmarkt in het eerste kwartaal van 2026 op een rij en maken we de balans op.

De Nederlandse economie

Overheidsuitgaven en investeringen hielden de economie overeind in het eerste kwartaal van 2026. Volgens het CBS groeide het bruto binnenlands product (bbp) met 0,1 procent ten opzichte van het vierde kwartaal van 2025. Dat is lager dan het gemiddelde kwartaalgroei van 0,4 procent over 2024. Opvallend is dat de groei volledig gedragen werd door de publieke sector en investeringen; zonder deze bijdrage zou de economie zijn gekrompen.


De Nederlandse economie groeide in het eerste kwartaal van 2026 met 0,1 procent, gedragen door overheidsuitgaven en investeringen, maar afgeremd door een terugval in de export.

Export

De export van goederen kromp in het eerste kwartaal, met de uitvoer van machines en transportmiddelen als grootste aanjager van die daling. Dat past bij het bredere beeld dat internationale handelsonzekerheid de Nederlandse industrie treft: de sector had een negatief kwartaal en leverde per saldo een negatieve bijdrage aan de economische groei. Ter vergelijking: in het vierde kwartaal van 2025 groeide de goederenexport nog licht.


In het eerste kwartaal kromp de export van goederen, met name machines en transportmiddelen, wat de industrie onder druk zette en de economische groei beperkte.

Consumptie huishoudens en overheid

De overheidsconsumptie nam 0,5% toe en de investeringen in vaste activa stegen met 0,7% in vergelijking met het vierde kwartaal. Daarmee vormden zij de belangrijkste steunpilaar voor de economie. Huishoudens besteedden in het eerste kwartaal evenveel als in het kwartaal ervoor een teken van voorzichtigheid, geen terugval. Juist binnen die stabiele consumptie verschoof het patroon: meer uitgaven aan kleding en voedingsmiddelen, minder aan vervoersmiddelen en brandstoffen.


De overheidsuitgaven en investeringen groeiden in het eerste kwartaal, terwijl de consumptie van huishoudens stabiel bleef met een verschuiving richting kleding en voedingsmiddelen.

Bedrijfstakken 

Overheid, zorg en de financiële dienstverlening leverden de grootste positieve bijdragen aan de groei met 2,1%. Tegelijkertijd zorgde de krimp in de industrie met 1,8%. Dit is een direct gevolg van de zwakkere export voor een negatief tegenwicht. Het sectorale beeld is daarmee tweeledig: dienstensectoren groeien, de maakindustrie staat onder druk.


In het eerste kwartaal waren het vooral de overheid, zorg en de financiële diensten die bijdroegen aan de groei, terwijl de industrie kromp door de zwakkere export.

Bronnen: CBS

Wat betekent een afkoelende arbeidsmarkt voor jouw wervingsstrategie? Vraag een gratis online analyse van je talentpool aan. 

Arbeidsmarktcijfers

De arbeidsmarkt laat in het eerste kwartaal van 2026 opnieuw een herkenbaar beeld zien: de krapte blijft groot, maar de scherpe randjes gaan er langzaam af. Vacatures nemen verder af, de werkloosheid loopt iets op. Tegelijkertijd blijft de sourcingsdruk op schaarse profielen hoog en verschuift de vraag steeds meer naar latent talent dat niet actief zoekt.


De verhouding tussen werklozen en vacatures bevestigt die beweging. Voor elke 100 werklozen staan er nu 91 vacatures open. Daarmee komt een arbeidsmarkt die jarenlang oververhit was stap voor stap dichter bij een nieuw evenwicht.

Werkenden: stabiele arbeidsdeelname, maar minder zelfstandigen

Het aantal mensen met betaald werk blijft hoog. In het eerste kwartaal van 2026 hadden 9,8 miljoen mensen een baan, 73,2 procent van de bevolking van 15 tot 75 jaar. Het aantal werkenden bleef nagenoeg gelijk aan het voorgaande kwartaal, na een reeks kwartalen van lichte groei.


Het aantal werkenden met een vaste arbeidsrelatie bedroeg 5,6 miljoen, iets lager dan een kwartaal eerder. Het aantal flexwerkers groeide juist licht, met 17 duizend, naar 2,7 miljoen. Opvallend is dat het aantal zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) met 18 duizend afnam tot 1,1 miljoen. Meer mensen kiezen opnieuw voor zekerheid in loondienst, terwijl het ondernemerschap aan de onderkant van de markt afneemt. Juist in sectoren die sterk leunen op zzp'ers zoals bouw, zorg en dienstverlening kan dat op termijn gevolgen hebben voor flexibiliteit en inzetbaarheid.

Werkloosheid: lichte stijging zonder omslag

De werkloosheid stijgt licht en nadert nu 413 duizend 4,0 procent van de beroepsbevolking (seizoengecorrigeerd) na drie opeenvolgende kwartalen van toename. Dat past bij het bredere beeld van een markt die normaliseert, niet omslaat.


Over heel 2023 daalde de werkloosheid vanuit het coronatoppunt bijna elk kwartaal tot 350 duizend (3,5 procent) in het tweede kwartaal. Sindsdien wisselt het beeld per kwartaal, maar de trend is langzaam oplopend. Tegelijkertijd blijft 84 procent van de werklozen kortdurig werkloos eerder een teken van normalisering dan van een echte omslag.

Banen: werknemersbanen op recordhoogte, zelfstandigenbanen dalen

In het eerste kwartaal van 2026 kwamen het totaal aantal banen van werknemers en zelfstandigen uit op 11,56 miljoen. Na correctie voor seizoensinvloeden nam het totaal met 2 duizend toe. Opvallend is het contrast binnen die totaalcijfers: het aantal werknemersbanen steeg seizoengecorrigeerd met 6 duizend naar 9,24 miljoen meer dan ooit tevoren. Het aantal zelfstandigenbanen daalde juist met 4 duizend naar 2,40 miljoen. Vergeleken met een jaar eerder zijn er zelfs 124 duizend minder zelfstandigenbanen. Voor werkgevers die sterk leunen op flexibele schil betekent dit dat de beschikbaarheid van zzp-capaciteit structureel krapper wordt.

Vacatures: daling zet door, dynamiek trekt licht aan

Het aantal vacatures daalt vrijwel elk kwartaal sinds het derde kwartaal van 2022. In het eerste kwartaal van 2026 stonden er 378 duizend vacatures open 6 duizend minder dan een kwartaal eerder. De grootste vraag blijft in zorg, handel en zakelijke dienstverlening, samen goed voor ruim de helft van alle openstaande vacatures. De sterkste daling deed zich voor in het openbaar bestuur (-2 duizend naar 22 duizend) en de zakelijke dienstverlening (-2 duizend naar 62 duizend). De horeca liet juist een lichte stijging zien.


De onderliggende vacaturedynamiek trekt licht aan. In het eerste kwartaal ontstonden er 359 duizend nieuwe vacatures 4 duizend meer dan een kwartaal eerder en werden er 365 duizend vacatures vervuld, 9 duizend meer dan het kwartaal daarvoor. Na een periode van afname is dat een voorzichtig positief signaal. Dat past bij het beeld dat werkgevers, ondanks de dalende voorraad, blijven werven en dat de kwaliteit van de hire daardoor zwaarder weegt dan ooit.

Arbeidsmarkt beweegt richting een nieuwe fase

De arbeidsmarkt gaat in het eerste kwartaal van 2026 een nieuwe fase in: niet ruim, zeker niet ontspannen, maar iets meer in balans. De verhouding tussen werklozen en vacatures bevestigt die beweging tegenover elke 100 werklozen staan nu 91 vacatures, waar de markt jarenlang oververhit was. Structurele tekorten in sectoren als zorg en techniek blijven onverminderd aanwezig, en de sourcingsdruk op schaarse profielen daalt minder snel dan het algemene vacaturecijfer suggereert.

Hoe positioneer jij je organisatie nu de markt iets afkoelt, maar krapte in jouw sector onverminderd aanhoudt? Breng in kaart waar latent talent zich in jouw doelgroep bevindt en pas je sourcing- en bindingsstrategie aan op de nieuwe marktdynamiek.

Bronnen: CBS

Benieuwd naar de arbeidsmarktdynamiek?